Comm. voor de Media
Inhoud
1 Samenvatting 3
2 Inleiding 6
2.1 DNR 2020 6
2.2 Trends in de nieuwssector 7
2.3 Nieuwsgebruik en nieuwsbedrijven in tijden van COVID-19 8
3 Nieuwsgebruik 10
3.1 Interesse in nieuws en politiek 11
3.2 Frequentie van het nieuwsgebruik 13
3.3 Gebruikte nieuwsmediatypes 14
3.4 On- en offline gebruikte nieuwsmerken 16
3.5 Gebruik van sociale media 18
3.6 Zelf maken en delen van nieuws 21
3.7 Belangrijkste bevindingen en internationale context 22
4 Lokaal nieuws 23
4.1 Interesse in lokaal nieuws 25
4.2 Gebruik van lokale nieuwsbronnen 26
4.3 Binding met lokale nieuwsbronnen 27
4.4 Vertrouwen in het regionale dagblad 28
4.5 Belangrijkste bevindingen en internationale context 29
5 Toegang tot online nieuws 30
5.1 Gebruikte apparatuur 31
5.2 Ingang tot online nieuws 32
5.3 Nieuws via e-mail 34
5.4 Gebruik van nieuwsverzamelsites 35
5.5 Gebruik van nieuwsgerelateerde video’s 36
5.6 Gebruik van podcasts 37
5.7 Voorkeur voor lezen, kijken of luisteren 39
5.8 Gebruik van betaalde online nieuwsdiensten 39
5.9 Belangrijkste bevindingen en internationale context 41
6 Vertrouwen in nieuws 43
6.1 Vertrouwen in het nieuws 44
6.2 Vertrouwen in het nieuws op sociale media en via zoekmachines 45
6.3 Vertrouwen in Nederlandse nieuwsmerken 46
6.4 Zorgen over nepnieuws 47
6.5 Belang van onafhankelijke journalistiek 50
6.6 Voorkeur voor bevestigend of weersprekend nieuws 51
6.7 Politieke advertenties op televisie en sociale media 54
6.8 Belangrijkste bevindingen en internationale context 55
Samenvatting
Dit rapport gaat over nieuwsgebruik in Nederland. Samen
met het Reuters Institute for the Study of Journalism
hebben we het onderzoek in 2020 voor de derde keer
uitgevoerd. De resultaten laten zien dat het nieuwsgebruik
sinds 2018 zeer stabiel is. Veranderingen voltrekken zich
langzaam en vooral langs de lijn van leeftijd. Hierbij hoort
de kanttekening dat de meting in
2020 heeft plaatsgevonden vlak
voor de uitbraak van COVID-19 in
Nederland.
Ook voor nieuwsgebruik geldt dat
er een tijd vóór, tijdens, en ná de
coronacrisis is. Tijdens de coronacrisis
is het nieuwsgebruik aanzienlijk
toegenomen. Hoe het nieuwsgebruik
er na deze periode uitziet – als
niet meer de dagelijkse cijfers over
infecties, ziekenhuisopnames en
doden de nieuwsagenda bepalen – is
lastig te voorspellen. Als het nabije
verleden de beste voorspeller van
de toekomst is, zal het nieuwsaanbod en -gebruik na deze
coronacrisis niet veel anders zijn dan daarvoor.
Nieuwsgebruik
Het nieuwsgebruik hangt af van de interesse in nieuws.
De interesse in algemeen nieuws is in Nederland hoog.
Ongeveer 58 procent van de Nederlanders geeft aan in
nieuws geïnteresseerd te zijn. In alle leeftijdsgroepen is
het aandeel meer dan de helft. In Nederland is de interesse
in nieuws stabiel, ook de interesse in politiek is sinds 2019
nauwelijks veranderd, maar ligt wel op een lager niveau.
Slechts een kwart van de Nederlanders is geïnteresseerd
in politiek. In vergelijking met de zes hierna genoemde
landen is het aandeel Nederlanders dat in nieuws en
politiek geïnteresseerd is gemiddeld. In Duitsland en de
Verenigde Staten is dit aandeel hoger, in Frankrijk en het
Verenigd Koninkrijk lager, en in het Nederlandstalige deel
van België en Noorwegen is de interesse ongeveer op het
niveau van Nederland.
Het aandeel dagelijkse gebruikers van nieuws is in Nederland
met 85 procent verhoudingsgewijs hoog. Televisie is het
mediumtype dat voor algemeen nieuws het meest wordt
gebruikt, online nieuws van redactionele media staat op de
tweede plek, en sociale media staan nog voor radio en print
op plek drie. Veel Duitsers kijken televisienieuws, weinig
Fransen lezen de papieren krant, veel Noren maken van
online nieuwsmerken en nieuws van
sociale media gebruik. In verhouding
tot de andere landen is het aandeel
dat gebruik maakt van de verschillende
mediatypes in Nederland gemiddeld.
Überhaupt is het gebruik van nieuws
in Nederland in verhouding tot andere
Europese landen gemiddeld.
Over de jaren heen is een lichte daling
van het nieuwsgebruik te zien. Vooral
het gebruik van televisienieuws daalt
in de jongste doelgroep gestaag.
Desondanks is in de afgelopen
jaren weinig veranderd. Televisie,
print en online nieuwsmedia zijn de
mediatypes waar ouderen hun nieuws vandaan halen.
Online nieuwsmedia en vooral sociale media worden door
jongeren geraadpleegd. Het gebruik van de nieuwsmedia
verandert langzaam en het is de vraag wie online en via
sociale media op lange termijn het publiek weet te bereiken.
NU.nl doet het goed, maar ook het online aanbod van de
dagbladen wordt steeds meer gebruikt. DPG Media is na
de overname van NU.nl de aanbieder van de twee online
nieuwsdiensten met het hoogste bereik geworden.
WhatsApp is in 2020 het grootste online sociale netwerk
in Nederland. Jongeren zitten verder nog op YouTube,
Instagram en Snapchat; ouderen op Facebook. Voor nieuws
maken Nederlanders echter wel veel gebruik van Facebook.
Lokaal nieuws
Anders dan op landelijk niveau is het twijfelachtig of het
nieuwsaanbod ook op lokaal niveau op peil zal blijven. Al
voor de coronacrisis verkeerden de huis-aan-huisbladen
in economisch zwaar weer. Een aantal was zelfs al
gestopt met verschijnen. Diverse huis-aan-huisbladen zijn
Samenvatting
1.
3
samengevoegd of overgenomen door bijvoorbeeld DPG
Media en BDU Media. Ook voor lokale publieke omroepen
zijn fusies te verwachten, mede als gevolg van de vorming
van streekomroepen. De lokale media bereiken jongeren
slecht. Zo tonen de bereiksonderzoeken naar regionale
dagbladen en regionale publieke omroepen sinds jaren aan
dat het publiek verhoudingsgewijs oud is en het gebruik
afneemt.
Ons rapport laat zien dat 44 procent van de Nederlanders
geïnteresseerd is in lokaal nieuws. Naarmate Nederlanders
jonger zijn, neemt de interesse af. In de jongste groep zijn
meer mensen niet dan wel in lokaal nieuws geïnteresseerd.
In de doelgroep 18 tot 24 jaar is meer dan de helft in
algemeen nieuws geïnteresseerd, maar alleen een kwart in
lokaal nieuws. In de oudste doelgroep 55+ is het verschil
met 62 versus 55 procent veel kleiner.
De lokale krant - dus de lokale edities van het regionale
dagblad en de huis-aan-huisbladen - is met zijn off-
en onlineaanbod, de meest gebruikte nieuwsbron.
Naarmate Nederlanders ouder zijn wordt deze ook vaker
geraadpleegd. Lokale televisie staat – anders dan voor
algemeen nieuws – op nummer twee. De leeftijd van de
kijkers naar lokale televisie varieert overigens veel minder
dan die van de lezers van lokale kranten. Jongeren komen
op sociale media lokaal nieuws niet vaak tegen. Ook maken
ze weinig gebruik van online hyperlocals (online only
nieuws).
Als het vertrouwen in regionale dagbladen representatief is
voor het vertrouwen in lokaal nieuws in het algemeen, dan
is het vertrouwen in lokaal nieuws zeer hoog. Ook jongeren
die niet in lokaal nieuws geïnteresseerd zijn, hebben veel
vertrouwen in het nieuws van regionale dagbladen. Daarin
is Nederland overigens geen uitzondering. Ook in andere
landen geniet het nieuws van het regionaal dagblad veel
vertrouwen.
De resultaten geven een algemeen beeld van de interesse
in en het gebruik van lokale media. Voor meer verdieping
is een uitgebreid onderzoek nodig op streekniveau naar
behoefte en gebruik van lokaal nieuwsaanbod. Daarbij is
vooral meer informatie nodig over de rol van de lokale
omroep en het online aanbod.
Online toegang
Het succes van sociale media heeft veel te maken met
de uitvinding van de smartphone. De smartphone heeft
de laatste jaren de computer (desktop of laptop) als
standaardapparatuur vervangen en wordt door 60
procent van de Nederlanders ook ingezet om nieuws te
raadplegen. Vooral voor jongeren is de smartphone het
favoriete apparaat om online nieuws te raadplegen.
Alleen in de doelgroep 55+ is de computer nog iets
gebruikelijker.
Bijna de helft van de Nederlanders gaat direct of via een
zoekmachine naar een nieuwsmerk. Dit aandeel is in
verhouding tot andere landen hoog. Misschien ook omdat
voor de meest gebruikte nieuwsmerken – NU.nl, AD.nl
en NOS.nl – maar twee of drie letter nodig zijn; anders
dan spiegel.de, 20minutes.fr of theGuardian.com. Voor
Nederlanders heeft het lezen van nieuws de voorkeur
boven nieuws kijken en luisteren; dat geldt voor alle
leeftijdsgroepen. Ten opzichte van vorige jaren stagneert
het gebruik van video voor nieuws. Het maandgebruik van
podcasts is wel verder gestegen; van 18 procent in 2018
naar 21 procent in 2019 tot 26 procent in 2020. Zowel
video als ook podcasts worden vooral door jongeren
gebruikt. Diverse nieuwsmedia melden dat het aandeel
betaalde abonnementen is toegenomen. Ook het Digital
News Report laat zien dat het aandeel Nederlanders dat
betaald online nieuws heeft geraadpleegd van 11 procent
in 2019 naar 14 procent in 2020 is gestegen. Nog steeds
loopt Noorwegen voorop met 42 procent.
Vertrouwen
Vertrouwen en bereik zijn de twee belangrijkste
kenmerken van nieuwsmedia. Nederland hoort ook in
2020 weer tot de landen met het hoogste vertrouwen in
nieuws. Het vertrouwen is met name groot in nieuws dat
Nederlanders zelf gebruiken. Bij het hoge vertrouwen
in algemene nieuwsmedia hoort de kanttekening dat
Nederlanders zoekmachines veel minder vertrouwen. Het
vertrouwen in nieuws op sociale media is zelfs nog lager.
Opmerkelijk genoeg hebben ook de jonge Nederlanders,
die voornamelijk hun nieuws van sociale media halen,
daar weinig vertrouwen in.
De afzonderlijke Nederlandse nieuwsmerken worden
door de mensen in 2020 opnieuw als zeer betrouwbaar
ingeschat. Het hoge vertrouwen in de nieuwsmerken
is zeer stabiel en in de laatste twee jaar nauwelijks
veranderd. Met het algemeen hoge vertrouwen hangen
ook de verhoudingsgewijs kleine zorgen over nepnieuws
samen. In andere landen nemen deze zorgen juist toe.
Van alle 40 onderzochte landen is het aandeel dat zich
zorgen maakt over wat echt en wat nep is op internet in
Nederland met 32 procent het laagst.
Dit jaar zijn ook aanvullende vragen gesteld over de
mogelijke bronnen van foutieve en misleidende informatie.
Politici worden het meest als mogelijke bron genoemd,
maar veel minder dan in andere landen. Nederlandse
journalisten zijn weinig verdacht als bron van foutieve
misleidende informatie. Grotere zorgen bestaan over de
invloed van buitenlandse regeringen en actiegroepen.
Daarbij past dat bijna twee van drie Nederlanders
onafhankelijke journalistiek belangrijk vinden. Dit is veel
meer dan in Frankrijk waar maar de helft dit vindt, maar
minder dan in Noorwegen.
Naast een voorkeur voor onafhankelijk nieuws
hebben Nederlanders ook een voorkeur voor neutrale
berichtgeving. Het aandeel Nederlanders dat een voorkeur
heeft voor nieuwsbronnen die overeenkomen met de eigen
standpunten is met 14 procent laag, maar onder jongeren
en gebruikers van sociale media met 20 procent hoger.
Vooral gebruikers van NU.nl en NOS hebben een duidelijke
voorkeur voor neutraal nieuws, dus nieuws zonder specifiek
standpunt.
4
“Wat continu voor
verandering zorgt, is het
langzaam toenemende
aandeel digital natives aan de
bevolking
”
Los hiervan staan politieke advertenties. Nederlanders
vinden dat politieke partijen op televisie moeten kunnen
adverteren; op sociale media en zoekmachines liever
niet. Naarmate Nederlanders jonger zijn, vinden ze dat
politieke reclame op televisie en online mogelijk moet
zijn. Zowel in Nederland als ook in de andere zes landen
is een meerderheid van mening dat technologiebedrijven
verantwoordelijk zijn voor de juistheid van de informatie
op hun platform en daarom politieke advertenties met
mogelijk onjuiste informatie moeten weghalen.
Aandachtspunten
De digitale transformatie voltrekt zich langzaam
maar continu. Als er niet iets heel geks gebeurt, zal de
coronacrisis daar weinig aan veranderen. Er zijn twee
bevindingen in dit rapport die mogelijk aanleiding geven
tot nader onderzoek en deze betreffen allebei het gebruik
van sociale media door jongere doelgroepen.
We beginnen met de bevinding dat jongeren veel minder
dan ouderen in lokaal nieuws geïnteresseerd zijn en
een groot aandeel het gehele lokale nieuwsaanbod
niet zal missen. Als hieraan niks verandert, kan deze
ontwikkeling op lange termijn serieuze gevolgen hebben
voor het gebruik van lokaal nieuws, de kennis over lokale
onderwerpen, en de deelname aan de lokale democratie.
Het bevorderen van interesse in en gebruik van lokaal
nieuws, met name onder jongeren, lijkt even belangrijk
te zijn als het op peil houden van voldoende lokale
informatie. Meer onderzoek is nodig naar het gebruik en
de interesse van jongeren in lokale media en hoe lokale
media meer kunnen aansluiten bij de belevingswereld van
jongeren. Misschien worden jongeren beter bereikt en
stijgt hun interesse in lokaal nieuws als lokale media naast
de fysieke omgeving ook de digitale sociale netwerken
betrekken.
Een tweede bevinding is dat jongeren, ondanks dat ze
sociale media veel minder betrouwbaar vinden dan de
nieuwsmerken, vaak voornamelijk nieuws via socia